Er is nogal wat verwarring rond de naam Quarter Cask. Dat komt in beginsel doordat Laphroaig een kleiner vat dan gewoonlijk ging gebruiken voor de "Quartercask" botteling. De inhoud daarvan komt echter niet overeen met een kwart van een hoggie; dat zou namelijk iets meer dan 60 liter moeten zijn.
Glenglassaugh gebruikt ook kleinere vaten voor het small cask program (Zie ook:
http://www.glenglassaugh.com). Dit zijn 50 liter-vaten en in feite een kwart van de Amerikaanse barrel, die 200 liter kan bevatten. De ex-bourbon en ex-tennessee whiskey barrels worden vaak in duigen verscheept naar Schotland, waar ze omgebouwd worden tot een hogshead, die 250 liter kan bevatten. Capisce?! Van 200

naar 250
Sherry butts kunnen 500 tot 600 liter bevatten maar dat is een ander verhaal.
Om het verschil in afmetingen te kunnen illustreren, heb ik enkele foto's bijgesloten van ons laatste bezoek aan Glenglassaugh afgelopen jaar. Andrew Russel, general manager van de Speyside Cooperage kwam toevallig een lading langsbrengen op die dag. We zijn later nog op de cooperage gaan kijken bij onze vriend, master cooper Gary Taylor. Hij vertelde ons dat ze een hekel aan de quarter cask hebben. Zowel de cooper als de warehouseman moet veel dieper door zijn rug bij het rollen. Dat bevestigde het verhaal dat we bij Laphroaig hoorden van de warehouse men aldaar, toen we bezig waren met de research voor The Legend of Laphroaig.
De consument vindt het echter lekker en dat telt het zwaarst.

Vooraan de Quarter Casks en achteraan de barrels.

Nieuwe voorraad lege vaatjes voor Glenglassaugh, afgeleverd door Andrew Russell zelf.

Andrew rolt ze niet, maar tilt ze. Als ze leeg zijn gaat dat nog wel, maar vol is een andere zaak.
deze foto laat ook nog het verschil zien tussen een hoggie en een butt
