Goed, makkers, om jullie niet verder in spanning te houden

.. Onderstaand een - helaas niet Jimmystyle-uitgebreide - impressie van onze trip naar Islay en Campbeltown.
Lang verhaal kort: het overtrof wederom onze toch al niet matige verwachtingen. Wat een heerlijke dagen. Vol met adembenemende landschappen, lachen, ferries, drams supervette whisky, lekker eten, toffe tastings en leuke ontmoetingen met mede liefhebbers. En als kers op de taart: voor Schotse begrippen fantastisch weer.
De iets uitgebreidere versie.
Op dinsdag 1 april troffen vrienden en whiskyfellowshiptravellersreisgenoten Ivan, Martijn (allebei HWF-leden maar aan de matig tot full swing lurkende kant) en ik elkaar op Schiphol. Nu een vlotte check-in en wat rondgescharrel op het vliegveld vlogen we rond half 4 in de middag naar Glasgow. We kwamen hier rond 4 uur (altijd fijn, dat bonus-uur op de heenweg) aan. Na het ophalen van de auto (ondanks de vooraf afgekochte verzekeringen toch weer in de slag moeten met zo'n plork van Europcar die je van allerlei onnodige sjizzel probeert aan te smeren) reden we naar West-Tarbert op Kintyre. Wat een pracht van een rit is dat dan hè. Fascinerend dat je na een minuut of 20 rijden vanaf Glasgow al in redelijk ongerepte natuur begint te raken. Het stuk langs Loch Lomond en zeker vanaf Cairndow en Invereray naar beneden is frikking mooi. Wat. Een. Uitzichten. We waren rond 19:30 in West-Tarbert. waar we overnachten bij The Waterfront Suite. Dat was voor een tussenstop-overnachting een prima accommodatie. We hadden het plaatsje gekozen, omdat het op 10 minuten van de Kennacraig ferry terminal lag en we op woensdag vroeg (7:00, dus 6:30 daar zijn) de ferry naar Islay hadden. Dikke tip is The Red Herring Seafood. Bokkegeile seafood linguïne. Daarbij wat wijn, daarna wat bier en drams om Schotland te vieren. En een beetje op tijd de oogjes en snaveltjes toe.
Op woensdag 2 april stonden we redelijk fris en fruitig om 5:45 op om om 6:15 weg te rijden bij ons hotel naar de ferry. Deze vertrok om 7 waarna een heerlijk relaxte vaart naar Port Ellen begon. Bakje cappuccino erbij, beetje van ons af koekeloeren. Dikke prima. Goed 9 waren we in Port Ellen. De woensdag hadden we gereserveerd om het eiland te verkennen en wat distilleries te bezoeken waar we geen tour of tasting hadden. Dat hebben we aardig optimaal gedaan die dag; superfijn. Begonnen bij het American Monument op Oa, het uiterste zuidwest puntje van Islay. de rit daar naar toe was 'uitdagend' (singletrack road met het één en ander aan slecht wegdek), de wandeling vanaf de parkeerplaats was lekker en het uitzicht vanaf het monument was echt steengoed. Wat een pracht.
Toen hadden we wel genoeg inspanning gehad en bestond de rest van het zien van het eiland die dag uit routes die naar distilleries gingen! Begonnen bij Bruichladdich waar we de shop hebben bezocht (en met een distillery exclusive Bruich dan wel PC moesten vertrekken nadat we beiden mochten proeven). Daarna een prima lunch bij Kilchoman (waar deze Mister Tourguide zo vrij was om Ivan als chauffeur voor de rest van de dag te bombarderen, zodat ik vanaf dat moment fijn kon proeven) en uiteraard wat drammetjes aan de bar daar. Toen het eiland overgestoken naar Ardnahoe. Dat ligt echt prachtig; het uitzicht vanaf de lounge op Jura is adembenemend. Daar de Feis Ile botteling voor vorig jaar geproefd (oké, maar niets bijzonders) en één van ons nam de Ardnahoe die gebotteld is voor de Society mee. Daar barstte het van in de shop. Toen door naar Caol Ila. Zeker, Diageo spat er vanaf. Maar, de drammetjes aldaar in de bar smaakten prima en het is toch sympathiek dat je als binnenloper gewoon een welkomsdram krijgt. Ik was te enthousiast en triggerhappy, dus kocht de hand filled voor teveel geld. Maar, het was een hele puike Caol Ila op first fill bourbon. Boeiend

.. Daarna fijn ingecheckt bij onze AirnBnB in Port Ellen (dikke prima), boodschapjes gedaan bij de Coop aldaar en prima gegeten bij de Balaclava Byre. Daarna nog wat drams in ons huisje en lekker op tijd nokkie.
Op donderdag 3 april werden we op tijd en - gelet op de consumptie van de dag ervoor - best fris wakker. Dit was de dag waar we stiekem het meest naar uitkeken.
We begonnen het programma namelijk met de Intentional Craft and Warehouse Tasting bij Bowmore. Onze taxichauffeur voor die dag (Ainsling, een heerlijk grofgebekte, pientere, prima converserende Noord-Ierse) zette ons daar iets voor 10 af, waarna onze tour bijna direct kon beginnen aangezien alle deelnemers er waren. Onze tourguide (ik ben zo slecht in namen, zeker met whisky op, maar ik vermoed dat ze Margareth, Joyce of Carola heette (echt geen flauw idee...)) nam ons op een prima tour heel Bowmore door. Alle gelegenheid voor het stellen van vragen die ze prima wist te beantwoorden met haar 15jaar+ ervaring op de teller. Aansluitend aan de tour een Warehousetasting gehad die echt heerlijk was. We begonnen met een Bowmore 2006 op (ik denk) refill bourbon (#10236). Voor mij Bowmore zoals je 'm wil: fruitige peat op leeftijd. Goddelijk. Daarna volgde een 2008 Wine Cask. Prima, maar voor mij de minste van de drie. De wijn maakte 'm aardig vol met tannine. En we sloten of met een 2005 Amontillado. Die was ook goed jonge. De drams werden uit het vat getrokken met een vallinch, de guide was niet matig met schenken, dus de gezelligheid in de groep nam toe. Mooi is dat, zet 8 vreemden bij elkaar in een kelder met vaten whisky en ze vertrekken als vrienden. Wel grappig; er zaten drie Nieuw-Zeelanders met Chinese roots bij ons in de groep. Die zijn we de dagen er na nog vaak tegen gekomen! Een 100ml flesje van het vat naar keuze was inbegrepen, we kozen alle drie zonder twijfel voor de 2006 bourbon. Wat een knijter. Aansluitend in een tastingroom (omdat de bar gesloten was, wat wel jammer was) een distillery exclusive geproefd (de Anthology 2). Die was met z'n 20 jaar plus heel goed. Maar, we lieten 'm staan voor z'n schamele 525 pondjes. Te-ring. Wat ook wel jammer was: ze hadden weinig tot geen goede handfilleds staan. De Feis Ile 2024 hebben we geproefd, maar vonden we erg op het hout met beperkt Bowmore-profiel. Dus die lieten we staan.
Toen even Bowmore ingelopen en m'n nietkunnenkopenfrustratie afgereageerd door een Bruichladdich 2003 van 19yo op Bourbon voor het Port Charlotte Hotel aan te schaffen bij een plaatselijke slijter (degene die daar achter de toonbank stond gaf aan dat het voor hem by far de beste Bruich was die 'ie de laatste tijd had geproefd, dus mijn flesh was weak aangezien ik nog een goede Bruich op bourbon met leeftijd zocht). Ainsling pikte ons vervolgens op voor onze volgende stop: de Warehouse 9 tasting bij Bunnahabhain!
Bij Bunnahabhain aangekomen liepen we weer tegen onze Nieuw-Zeelandse/ Chinese vrienden aan die we tegen waren gekomen bij Bowmore. Even bijgepraat onder het genot van o.a. een proevertje van de Bunna 21 CS 2024 (dikke dram vond ik) en een Bunna 2004 Moine PX (ook een beestje) en wat verhalen uitgewisseld. (Althans. Ik denk dat het voor de tasting was, het kan ook na de tasting geweest zijn. Want het werd daar wat blurry. Want, mwoahh, die drams tijdens de tasting. de tandjes!) Toen de Warehouse 9 Tasting gedaan. 4 kneiters uit het vat, met de copperdog ingeschonken door onze tourguide Billy/ Eddy/ Jimmy (ik weet het echt niet, het was een wat jonger ietwat feminien baasje). Uiteraard werd er daarna wat aangeschaft. Onze ruggengraten hadden natuurlijk al lang the building geleft. Ik schafte een Staoisha 2017 Warehouse 9 - Hand-Filled Exclusive aan en de beide andere mannen een 2014 Warehouse 9 - Hand-Filled Exclusive op Canasta (die was ook puik). Aisling bracht ons vervolgens naar Port Ellen waar we nog wat gegeten hebben, een poging tot film kijken hebben ondernemen en vreugdevol zijn ingestort. Wederom lekker bijtijds.
Op vrijdag 4 april werden we wederom (en in ieder geval tot mijn totale verbazing) best fris wakker en hebben we (jaja, het moet niet gekker worden) fakking hardgelopen. Naar Laphroaig, op de foto met onze bezwete harses en terug. Was lekker. Toen de huur fietsjes (e-bikes natuurlijk, je wil dat niet met normale fietsen doen..) opgehaald en de South Islay distilleries bezocht. Met stralend weer, had ik dat al vermeld?
We begonnen bij Laphroaig. Wat ligt dat prachtig daar We hadden daar de reguliere tour en die viel niets tegen. We kregen een welkomsdram (de Cairdeas 2024 die prima was). Tourguide Joyce/ Claire/ Wendy (ook een Ierse) was goed geïnformeerd en leidde ons op ons gemak rond. Vervolgens kregen we nog drie drams te proeven waarbij we mochten kiezen uit een achttal whiskies, waarvan een lading van de 10CS het interessants was. Maar, voor iets van 20 pond dikke prima.
Daarna op ons gemakje naar Ardbeg gefietst. Daar gingen we vooral heen om te lunchen in the Old Kiln Café. Die was overigens echt puik daar. Aansluitend nog een tweetal drammetjes in de shop/bar (de Committee voor 2024 en de 19yo die mwah was). Ze waren overigens nog één van de daken aan het herstellen die door de recente voorjaarsstorm stevige schade had. Dat moet overigens een verschrikkelijke storm geweest zijn, begrepen we.
We eindigden ons bezoek aan het zuiden van Islay bij Lagavulin. We waren op tijd. Dus, ach, whiskycocktail in de bar dan maar. Daarna de Water of Life experience. Die vond ik van onze hele trip het meest teleurstellend. Prima drams qua niveau (alles op cs, alles met best wat leeftijd), maar: niet in de Warehouse waar het wel zou zijn, een matig geïnformeerde hostess en echt hele schrale drams van 1cl.
Toen op het fietsje naar Port Ellen, lekker wat gegeten, een Blubberman 2024 van Kees kaiser gemacht, drammetje en op tijd slapen. Want, op zaterdag was het weer vroeg dag!
Want op zaterdag 5 april hadden we om 7:00 de ferry naar Kennacraig. Dit keer was in ieder geval ik wat minder fit. Zal het hardlopen zijn geweest uiteraard. Van Kennacraig een mooi stukje toeren naar Campbeltown en na ons bezoekje van 2023 was het echt heer-lijk om daar weer te zijn. Heerlijk stadje. Stiekem wil ik, laten we zeggen, visser op een boot worden die daar gestationeerd is en daar wonen. Met vrouw en kinderen. En dan geregeld de Washbackbar in. Tekenen we voor. Ik althans.
We waren precies om 10 in de praktisch lege shop, fijn iets uit de Cage meegenomen en vervolgens een dram (of 2) in de Washback. Dit keer o.a. een 13 jaar oude Kilkerran op sherry voor de Hanseatische nogiets. Onze spullen in de perfect gelegen accommodatie gedropt (The Cask, op letterlijk een steenworp van Springbank, En dan hoef je niet eens te kunnen gooien). Daarna lekker lunchen met een koffie en een dram bij Cadenhead's The Tasting Room. Vervolgens even bij Glen Scotia gekeken (niets bijzonders mee te nemen daar) en even lekker gechilled in onze BnB. Daarna lekker terug naar Springbank voor onze Kilkerran Warehouse Tasting. Dat was echt een dikke aanrader! 6 mooie drams (een 19yo en 20yo oude op (refill) bourbon, een first fill bourbon van een jaar of 16, twee 11-jarige op port en sherry en een wat jongere gepeate). Wat een feest, echt. En dat voor 45 pond. Van alles wat je proefde kon je één 35cl flesje kopen. Dat werd uiteraard ook gedaan, ik verliet het gebouw met 3 flesjes Kilkerran-heerlijkheid. Vanaf daar sloot Nederlander Patrick bij ons aan (de mazzelaar zat een week in Campbeltown) en vervolgden we onze weg naar het Ardshiel (voor een flight Daftmill), curry elders, terug naar de Ardshiel voor o.a. een heerlijke 15yo Springbank op sherry die voor de Ardshiel gebotteld was en daarna nog een pub. Toen op tijd tukken (ik in ieder geval..). Wat een dag; heerlijk.
Op zondag 6 april ietwat minder fris opgestaan en lekker op ons gemak de prachtige roadtrip terug naar Glasgow gemaakt. Wat. Een. Heerlijkheid. Nog even aan bij Auchentoshan. Ze hadden best wat aardige handfilleds staan, maar die durfden we vanwege (terecht) kritiek geachte bagagegewichten niet meer mee te nemen. Op Glasgow airport de auto ingeleverd (een MG HS automaat die ons heerlijk heeft rondgetuft), de bagage met zweet in de handjes gewogen (daar zaten we nét goed) en vervolgens na even wachten terug naar Schiphol. Daar mochten we van een vriendelijke douanemeneer doorlopen en zat een - wederom prachtige - trip er weer op.
Wat een prachtig iets om dit met goede vrienden en mede-liefhebbers te mogen doen. Ik ben stiekem - tijdens het nagenieten en de rouwverwerking van de voorbije trip - alweer plannen aan het maken voor een volgende trip in 2027. Speyside is kansrijk. En tot slot, wat fijn om toen weer vrouw en kids te mogen zien. Het leven is dan even heel goed.